Ik maakte hem destijds aan in de verwachting dat ie opgepikt zou worden door politiek en pers. Én om een punt te zetten achter mijn pogingen om de misstanden onder de aandacht te brengen. Hoe anders is dat gelopen.
Mijn eigen zaak
De derde procedure start 14 oktober en ik leverde de stukken in bij de rechtbank. Mijn eisen (het vonnis uit 2019 herroepen wegens bedrog) blijven ongewijzigd. Ik heb recente ontwikkelingen toegevoegd; als achtergrondschets en om nogmaals te benadrukken dat ik de procedure niet voer uit eigen belang. Een uitgebreide update vind je bij de inzamelingsactie.
Die andere inzamelingsactie
Van de aangifte van smaad en laster door de persoon die 15.000 euro inzamelt voor een rechtszaak tegen ANP hoorde ik, zoals ik verwachtte, niets meer. Helaas bleef het qua de beloofde media-aandacht voor de praktijken van ANP eveneens stil. Terwijl dat zo ontzettend hard nodig is. Vervelend neveneffect van het merkwaardige doel (een rechtszaak aanspannen om de tijd die je besteed hebt aan het verweer terug te vorderen) is dat het aantal meldingen over Fairlicensing van ANP weer toenam. Mensen denken dat de kosten enorm oplopen als je niet betaalt en durven de phishing mailtjes niet te negeren. Ik herhaal dus nog meer eens dat het misleidende aanbiedingen zijn.
Van het tableau geschrapt
Twee advocaten die ik met naam noem in het stuk over fototrol Nico Trinkhaus zijn geen advocaat meer. Of ze vrijwillig terugtraden is mij niet bekend. Kitty van Boven, die samen met Roel Dijkstra de brief schreef die aanleiding was voor deze petitie, heeft nog steeds haar kantoor. De tweede geschrapte advocaat vertrok wel bij het kantoor waar ze werkte. Helaas zijn de blafbrieven van Clairfort daarmee niet gestopt, ze worden nu alleen ondertekend door een andere advocaat.
Status tweede wapperzaak
Ik treed als gemachtigde op in een zaak waar hetzelfde speelt als bij mijn eigen zaak: ANP wappert met het auteursrecht van een freelance fotograaf. Inmiddels zijn er vier zittingen geweest, is er één vonnis gewezen (doorverwijzing naar andere rechtbank), heb ik dezelfde stukken tweemaal in gediend, heeft mijn cliënte de machtiging voor een derde keer moeten opsturen en heb ik daar nog achteraan moeten bellen voordat ik gekoppeld was als gemachtigde. Wij zijn nu aan de beurt om te reageren op het antwoord (repliek) van ANP. Ik ben die kafkaëske toestanden en het geblaf van Gerechtsdeurwaarders Rosmalen gewend, voor mijn cliënte is het enorm stressvol. We duimen voor een rechter die doorziet dat het ooit zo respectabele persbureau ANP de rechten van aangesloten freelancers misbruikt.
Rechtszaak Pictoright versus Meta
Het leek zo’n nobel streven, de campagne van de federatie Beeldrechten, om Meta te laten betalen voor het hergebruik van je beeldmateriaal. Maar het is verzand in een slepende procedure waar deskundigen zijn aangewezen die maar liefst een voorschot krijgen van € 676.813,50. Met het risico dat Pictoright, mocht blijken dat zij helemaal geen overeenkomst kán afsluiten met Meta, opdraait voor de kosten van die deskundigen. Mijns inziens is zo’n overeenkomst voorbehouden aan de uitgevers (artikel 7b WNR) en Pictoright is geen uitgever maar een beheerorganisatie. Ik begrijp niet dat de rechtbank daar niet eerst een beslissing over nam, dan had dat hele deskundigenonderzoek misschien achterwege kunnen blijven.
Embedden
Het schrijven van een boek over fotorecht levert inzichten op. Onze Auteurswet is nog gebaseerd op een analoge werkelijkheid. Waardoor niet duidelijk is wat wel en niet mag als je foto’s met een link deelt. Meest hardnekkige misverstand is dat iedereen denkt dat ‘automatisch embedden’ mag en zich niet realiseert dat daarbij een aanklikbare bronvermelding is vereist. Het is net zoals met het begrip citeren: het mag, mits je voldoet aan bepaalde voorwaarden. De zoektocht naar de juiste uitleg leverde drie blogjes op: nummer 35, met een filmpje en de verwerking voor het boek.
Thuiskopie, reprorecht, UvO en Pictoright
Ik deed, met wat hulp van Gemini, research naar de wettelijk verplichte vergoedingen voor hergebruik van foto’s. Ik checkte onder andere jaarrekeningen van organisaties die de vergoedingen innen en uitkeren aan fotografen. Een groot deel gaat op aan ‘kosten’ en uitgevers blijken een aanzienlijk deel te ontvangen. Slechts een kleine groep fotografen ontvangt een uitkering, en dan ook nog alleen voor foto’s die in de pers verschenen. En net toen ik van die ontdekking bekomen was (ik laat het rusten en hoop dat anderen dat onderwerp oppakken) diende de volgende kwestie zich aan:
Vordering van bijna drie ton voor fotobureau
Een Nederlands fotobureau, wiens naam angstvallig wordt verzwegen, claimde vermoedelijk onrechtmatig namens fotografen collectieve vergoedingen. En hoe herkenbaar voor mij, Pictoright schrijft er het volgende over: “Het betreffende fotobureau heeft bij Pictoright claims ingediend voor collectieve rechtenvergoedingen, maar heeft niet aangetoond dat het beeldmateriaal waarover door Pictoright informatie is verzocht, daadwerkelijk is gepubliceerd. Ook de vragen, over de bevoegdheid van het fotobureau om deze claims namens fotografen in te dienen en de doorbetaling aan fotografen, zijn door dit bureau niet afdoende beantwoord.” Omdat de pers het niet oppikt heb ik wel zo’n donkerbruin vermoeden welk fotobureau het betreft. Sowieso is het opmerkelijk dat Pictoright uitkeert aan fotobureaus, haar taak is verdelen van vergoedingen over de rechthebbenden. Rechthebbend is een fotobureau dat werkt met freelancers niet. Dat beeldbanken en fotobureaus de rechten niet bezitten is nou precies waarom die sommatiebrieven uit naam van ANP, Reuters, Alamy, Getty, Masterfile niet deugen.
Workshop
Iemand vroeg of ik workshops over auteursrecht gaf. Aanleiding was dat twee collega’s van hem zo’n workshop wilde gaan volgen bij ANP en hij vreesde dat ze daar niet zouden leren hoe om te gaan met de blafbrieven van fototrollen. Die vrees deel ik dus ik heb ja gezegd. Als het goed bevalt ga ik, als het boek af is, misschien wel weerbaarheidstrainingen tegen fototrollen geven. Kan ik best een ‘billijke vergoeding’ voor vragen denk ik, want het aantal onredelijke fotoclaims blijft stijgen, dus dan heb je het snel terugverdiend…
Dat was het weer voor deze keer. Deel de petitie! Deel je ervaringen online. Een desinfecterend zonnetje is alles wat we kunnen doen.
Groet! De petitionaris
De gemeente is fel tegenstander van een windpark nabij de Pingjujmer Gulden Halsband. De gemeente is voornemens de Pingjumer Halsban in 2016 te beschermen als gemeentelijk monument.
De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed adviseert hierbij minimaal een afstand van 1800 à 2000 meter te hanteren. In het plan van ''Wynkrêft Fiif''/ ''Mei-inoar foar de Wyn'' komen de turbines tot minder dan 100 m vanaf de Pingjumer Halsband te staan. Dat is voor de gemeente onacceptabel. http://sudwestfryslan.raadsinformatie.nl/vergadering/220965/kommisje%20Doarp%2C%20Stêd%20en%20Omkriten%2015-03-2016
Kom dinsdag 8 maart 19.00u naar Meandertoren 2 op parkeerplaats achter busstation. Hier kunnen wij onze zorgen overbrengen naar raadsleden. .
De gemeente Bergeijk wil in het buurtschap De Pielis vergunning verlenen voor een Mega-stal waar 87.000 nertsen per jaar. Wij bezorgde bewoners van Bergeijk verzetten ons tegen dit onnodige dierenleed. Ook vrezen wij ernstige overlast door de helse stank en het fijnstof dat vanuit de 12 schoorstenen op de stallen zal uitwaaien over de dorpen Luijksgestel en Weebosch. Wist je dat de gemeente dit niet hoeft te vergunnen? Wist je dat de gemeente CDA beleid meer nertsen wil vergunnen als dat er daar gehouden mogen worden? Er mogen maar 48.000 nertsen gehouden worden i.p.v.
87.000 nertsen. Steun ons a.u.b. in ons verzet en help mee 87.000 nertsen per jaar te behoeden voor een rotleven en een akelige dood!
http://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2016Z04625&did=2016D09524
Onze referentie: 882302
Uw brief van 11 januari 2016
Geachte heer Schutjes,
Ik heb de brief van u en uw collega’s van 8 januari over de verbetering van de afhandeling van klachten over de centrale examens op 11 januari ontvangen en kennis genomen van de inhoud. U vraagt mij te reageren op uw pleidooi voor de verbetering van de afhandeling van klachten over de centrale eindexamens.
Ik waardeer het initiatief dat u neemt en uw grote betrokkenheid bij examinering die hieruit spreekt. In deze brief ga ik achtereenvolgens in op het onderscheid in typen reacties op examens die samenkomen bij het College voor Toetsen en Examens (hierna: CvTE), de specifieke casus uit 2012 die de aanleiding vormt voor uw schrijven en tot slot ga ik in op de manier waarop inspraak in het examenproces georganiseerd is en hoe dit verbeterd wordt.
Onderscheid in typen van reacties naar aanleiding van de examens Het CvTE is als zelfstandig bestuursorgaan belast met de verantwoordelijkheid voor de totstandkoming en afname van de centrale examens in Nederland. Reacties op de examens en de afname daarvan komen bij hen terecht. Er wordt onderscheid gemaakt tussen een tweetal typen van reacties die belanghebbenden (leerlingen en docenten) in het examenproces kunnen geven. Het betreft feedback op examens enerzijds (waar inhoudelijke klachten deel van uitmaken) en het indienen van klachten over de bejegening door het CvTE anderzijds. Zoals u terecht opmerkt in uw brief wordt het onderscheid getypeerd doordat u zich alleen ten aanzien van de bejegening door het CvTE kunt wenden tot een onafhankelijke instantie als u het niet eens bent met de klachtenbeoordeling. Dat gaat middels het indienen van een verzoekschrift bij de Nationale Ombudsman.
Feedback op de inhoud van examens en correctievoorschriften Jaarlijks verzamelt het CvTE tijdens de examenperiode feedback op examens. Dit bestaat uit: de reacties van leerlingen die het CvTE via het LAKS krijgt; de inhoudelijke klachten, vragen en opmerkingen over examenopgaven en correctie-voorschriften van docenten die binnenkomen via de toets- en examenlijn van het CvTE; de inbreng van vakdocenten bij examenbesprekingen georganiseerd door vakverenigingen; een quickscan over het examen voor alle CE vakken; een uitgebreide vragenlijst voor een aantal vakken waar wijzigingen zijn opgetreden wordt uitgezet bij docenten die gegevens hebben ingevoerd in het programma Wolf.
Inhoudelijke vragen en opmerkingen, zowel positief als kritisch, maken daarmee deel uit van de feedback op examens. Deze meldingen worden vaak automatisch getypeerd als klacht. Zeker als er een inhoudelijk bezwaar wordt geuit. De kritische feedback die wordt geuit bij een examenbespreking of een kritische inhoudelijke vraag die is gesteld bij de Toets- en Examenlijn zijn echter geen officiële klachten. Dit geldt ook voor het bezwaar dat u in 2012 heeft geuit. Vragen en opmerkingen over de inhoud van examens of over de normering worden door het CvTE altijd behandeld als een inhoudelijke vraag. Hiertegen kan niet in beroep worden gegaan, omdat het een besluit betreft van een zelfstandig bestuursorgaan. De Algemene wet bestuursrecht sluit dat uit.
Klachten over bejegening door het CvTE Zoals gezegd kunnen belanghebbenden een officiële klachtenprocedure starten wanneer zij vinden dat zij niet goed behandeld zijn door het CvTE. Specifiek gaat het dan om de dienstverlening van het CvTE of over de behandeling door een medewerker van het CvTE. Naar aanleiding van de situatie die u schetst in 2012 is er door u geen klacht ingediend, zoals hiervoor beschreven.
Feedback op het vwo wiskunde examen A en C uit 2012 Over de examenvraag 19 (wiskunde a) waar u in uw brief aan refereert, hebben destijds zeven docenten bij de Examenlijn een inhoudelijke melding gedaan. Dit wijst navraag bij het CvTE uit. Van die zeven docenten zijn er vier medeondertekenaar van de brief die u mij recent stuurde. Zoals u in die brief aangeeft, richtte uw bezwaar zich destijds op de vraagstelling van de opgaven. Het CvTE heeft destijds op alle vragen gereageerd, maar zag geen aanleiding om het bijbehorende correctievoorschrift aan te vullen. Het ging niet om foute examenopgaven, maar het betrof een meningsverschil over de interpretatie van de vraag. Het CvTE heeft mij gemeld nog steeds achter het besluit te staan dat destijds genomen is om het correctievoorschrift niet aan te vullen.
Inspraak in het examenproces van de centrale examens Ondanks dat uw feedback op het examen wiskunde uit 2012 niet heeft geleid tot een voor u bevredigende reactie heeft de feedback een belangrijke functie in het examenproces. Tijdens de lopende examenperiode wordt het enerzijds gebruikt om een goede correctie mogelijk te maken en anderzijds bij de onderbouwing van het normeringsadvies. Dit gebeurt binnen een zeer kort tijdsbestek. Zoals u weet kent een examenperiode een strakke planning. Tussen het afnamemoment van een examen en de correctie zit weinig tijd. Het verzamelen, verwerken en gebruiken van de feedback binnen de beschikbare tijd maakt het niet mogelijk om dit proces uit te breiden met een extra stap waarin over elke vraag een inhoudelijk beroep kan worden ingesteld. Deze stap wordt daarom ondervangen door de betrokkenheid van vakinhoudelijk deskundigen bij de beantwoording van de vragen. Na afloop van een examenperiode wordt de feedback meegenomen bij het maken van examenopgaven, bij het vaststellen van examens en bij het opstellen van correctievoorschriften voor komende jaren.
Als gevolg van meldingen door één of meer docenten bij de examenlijn van het CvTE, van meldingen uit de examenbesprekingen, maar ook van meldingen van leerlingen via het LAKS kan het CvTE besluiten een correctievoorschrift aan te vullen. De zorgvuldige afweging van de ontvangen signalen wordt gemaakt door medewerkers van het bureau CvTE in afstemming met leden of voorzitters van de vaststellingscommissies van de verschillende vakken. Vaak vindt er ook raadpleging plaats van vak-experts uit het hoger onderwijs. Dat betekent dat vakdocenten nauw betrokken zijn bij de afweging van deze signalen en bij het besluit tot het aanvullen van een correctievoorschrift. De bedoeling van een aanvulling is om eventuele onduidelijkheden in de correctie van het gemaakte werk op te lossen. Het draagt bij aan het zo goed en gelijk mogelijk corrigeren van het gemaakte examenwerk. Dit is in het belang van de leerlingen. Een aanpassing van een correctievoorschrift betreft vaak een nadere specificatie van wat er goed gerekend moet worden. Het komt daarnaast voor dat, als een vraag echt niet goed blijkt te zijn, via een aanvulling op het correctievoorschrift wordt meegedeeld dat alle leerlingen het maximale aantal scorepunten moet worden toegekend. Daarmee wordt de vraag geneutraliseerd.
De rol van feedback bij de beoordeling van examens In Nederland is de inspraakmogelijkheid van belanghebbenden in het examenproces zorgvuldig vorm gegeven. Feedback wordt actief verzameld en wordt door het CvTE gebruikt om tot een afgewogen beoordeling en normering van door eindexamenkandidaten gemaakt werk te komen.
Dat neemt niet weg dat er altijd sprake zal blijven van leerlingen en docenten die zich niet zullen herkennen in bepaalde beslissingen die worden genomen of het niet eens zijn met de inhoud van een examen of correctievoorschrift. Verschillen van mening blijven bestaan al is het alleen al vanwege de diversiteit aan opvattingen die kunnen heersen binnen één vakgebied. Daarom kunnen vragen over de inhoud niet altijd tot ieders tevredenheid beantwoord worden. Ik ben van mening dat wij een goed examensysteem hebben met daarin de prominente rol van docenten en onderwijsprofessionals in het proces van totstandkoming en beoordeling van examens. Ook ben ik van mening dat de manier waarop inspraak in dit proces georganiseerd is en de manier waarop feedback onder grote tijdsdruk wordt verzameld en ingezet wordt ten behoeve van de correctie bijdraagt aan een zo goed mogelijke beoordeling van het gemaakte werk van eindexamenkandidaten. Het is uiteindelijk de rol en verantwoordelijkheid van de leden van het College om een eindoordeel te vellen.
Verbetering in de behandeling van reacties en in de afhandeling van klachten Het CvTE heeft eerder aangegeven kritisch te blijven kijken naar de manier waarop feedback in het examenproces georganiseerd is, naar hoe het CvTE haar kwaliteitszorg vorm geeft en naar de kwaliteit van de producten van het CvTE.
Het CvTE is bezig met de verbetering van de kwaliteit van de dienstverlening. Het Examenloket is geïntroduceerd in 2014 en sinds 2012 is de dienstverlening van de Examenlijn geprofessionaliseerd, o.m. door jaarlijkse evaluaties met alle ketenpartners. Een interne audit op het functioneren van de Toets- en Examenlijn 2016 is in voorbereiding. Daarnaast wordt in het kader van de uitvoering van de motie Jadnanansing een onderzoek uitgevoerd naar de dienstverlening door het CvTE en naar de validiteit van centrale examens. Dit wordt door een onafhankelijk onderzoeksbureau gedaan. De Inspectie van het Onderwijs is bij de opzet en uitvoering van het onderzoek betrokken. In de eerste onderzoeksfase wordt gekeken naar de wijze waarop het CvTE klachten over de centrale examens afhandelt en in de tweede fase worden één of meerdere centrale examens onderzocht op hun inhoudsvaliditeit.
Tot slot Ik heb begrepen dat het CvTE u heeft uitgenodigd om op 22 maart met u over uw brief van gedachten te wisselen en dat u hier positief tegenover staat.
Ik vertrouw erop u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben.
Met vriendelijke groet,
de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
Sander Dekker
Aankomende maandagavond 7 maart worden de handtekeningen en petities overhandigd aan de wethouder Flors Voorink op de interactieve bijeenkomst voor Plan Emmastraat in Gooiland. Meer dan duizend lieve reacties hebben we mogen ontvangen.
Wij danken u voor uw ondersteuning op dit moment, maar weten dat we voor de belangen van de Emmastraat nog een lange weg hebben te gaan. Namens de Emmastraat ondernemers en bewoners
In minder dan 24 uur al meer dan 15000 ondertekeningen! Ga zo door en vergeet niet om te delen!.
Hoogleraar Bert van Wee bekritiseert het rapport wat aan de snelheidsverhoging vooraf is gegaan. "Dit stelt dat de voordelen van reistijdvermindering groter zijn dan de nadelen van snelheidsverhoging" vat hij dat rapport samen.
Hij voegt ook een interessant weetje toe:
"Boven de 120 km mag een auto veel schadelijke stoffen uitstoten. En dat gebeurt ook: om de motor te beschermen, schakelen veel auto’s op hogere snelheden de katalysator uit. Juist bij sommige auto’s met kleine, zuinige motoren, gebeurt dit al bij snelheden nauwelijks boven 120 km."