In het nieuwe jaar is het goed om nog eens terug te kijken naar het afgelopen jaar. 2016 stond in het teken van de inwerkingtreding van de nieuwe Erfgoedwet, maar ook het afschaffen van de fiscale aftrek was een belangrijk thema. Door samen te werken, zowel met andere erfgoedorganisaties, als met eigenaren van monumenten, hebben we als publiek met de politieke partijen daarin een mooi resultaat bereikt. De fiscale aftrek voor onderhoud aan rijksmonumenten blijft in 2017 gehandhaafd en de bezuiniging van 25 miljoen euro op het budget van OCW is teruggedraaid. Ook in 2017 blijft 57 miljoen op de balans staan voor de aftrekregeling. De Tweede Kamer heeft duidelijk gezegd: Minister, doe eerst gedegen onderzoek en ga met het veld en eigenaren praten over alternatieven voordat je een succesvolle regeling afschaft. Hieronder vindt u een verantwoording van ons lobbywerk.
Met Prinsjesdag 2015 werd aangekondigd dat het Kabinet werk ging maken van het vereenvoudigen van de belastingen. Allerlei regelingen, zoals van de aftrek van uitgaven voor monumentenpanden, zouden geëvalueerd worden en na een zorgvuldig besluitvormingsproces zou bekeken worden of en zo ja hoe de regeling zou kunnen veranderen. De middelen zouden behouden blijven. Met Prinsjesdag 2016 werden we allen verrast door het Kabinet dat ze middels een bezuiniging van 25 miljoen euro de fiscale aftrek voor onderhoud aan monumenten wilde afschaffen. Minister Bussemaker moest een bezuiniging op haar departement doorvoeren en koos voor het afschaffen van de fiscale aftrek. Ze diende samen met Staatssecretaris Wiebes een wetsvoorstel in om per 1 januari 2017 de fiscale aftrek te vervangen door een subsidieregeling. Ze vonden namelijk dat de fiscaliteit niet goed werkte. Er was sprake van oneigenlijk gebruik. Ook wilden ze het beheer en onderhoud van monumenten kunnen sturen. Daarnaast vonden ze de regeling niet eerlijk. Inmiddels weten we na de behandeling van het wetsvoorstel in de Tweede Kamer dat er geen evaluatieonderzoek had plaatsgevonden naar de werking van de fiscale aftrekregeling en dat er geen sprake was van een zorgvuldige besluitvorming. Het erfgoedveld en de eigenaren waren niet geraadpleegd. De overgangsregeling naar een subsidie moest nog worden uitgewerkt. Ook de motieven voor afschaffen klopten niet. De werkelijke reden voor afschaffing was de oplegging van een structurele bezuiniging van 25 miljoen euro aan het ministerie van OCW door het ministerie van Financiën.
Na het bekendmaken van de maatregel om de fiscale aftrek af te schaffen hebben een aantal organisaties, te weten Erfgoedvereniging Heemschut, Bewoond Bewaard, Hollandse Molen, Nederlandse Monumentenorganisatie, Federatie Grote Monumentengemeenten, Federatie Particulier Grondbezit, Vereniging Particuliere Historische Buitenplaatsen, en de erfgoedkoepels Kunsten 92 en Federatie Instandhouding Monumenten de handen ineengeslagen. Doel was de structurele bezuiniging op monumentenzorg van tafel te krijgen en pleiten voor het aanhouden van de fiscale aftrek tot de gehele herziening van het financieringsstelsel in de monumentenzorg in 2018. We legden contact met Tweede Kamerleden en met het Ministerie van OCW. We zijn uitgebreid met de Kamerleden gaan praten. Tevens werden verkennende gesprekken gevoerd met het ministerie. Daarnaast starten we een petitie om zoveel mogelijk handtekeningen te verzamelen. Via (lokale, regionale en landelijke) kranten, televisie en radio en nieuwsportals, werd aandacht gevraagd voor onze lobby. Ons doel was tweeledig: ten eerste het informeren van het publiek ten aanzien van de bezuinigingsmaatregel van het Kabinet en ten tweede de weerlegging van het beeld dat de fiscale aftrek van onderhoud aan monumenten oneigenlijk gebruikt werd en vooral ten goede kwam aan de mensen die het niet nodig hadden. Niet altijd kwam deze weerlegging van dat beeld in het begin goed naar voren. Daarom hebben we ook filmpjes laten maken om te laten zien dat de meeste monumenteigenaren een modaal inkomen hebben, liefde hebben voor hun eigendom en graag de oude panden willen behouden en in goede staat willen doorgeven aan de volgende generatie. Deze zijn via sociale media en Youtube verspreid. De fiscale aftrek is naast een bijdrage aan de meerkosten voor onderhoud ook een erkenning voor de inspanningen en inzet van de monumenteneigenaren. Ook voor historische binnensteden heeft de fiscale aftrek een enorme positief effect.
Allereerst heeft de petitie Stop de bezuinigingen op ons erfgoed!, via petities.nl, die 3 oktober 2016 is gestart tot 2 november 2016 ruim 11.000 handtekeningen opgehaald. De commissie Financiën van de Tweede Kamer heeft deze petitie op 2 november 2016 aangeboden gekregen. Daarnaast heeft onze lobby in de Tweede Kamer gezorgd dat zowel op maandag 31 oktober en maandag 7 november bij de behandeling van het Belastingplan 2017 de meeste aandacht en tijd uitging naar het wetsvoorstel tot afschaffing van de monumentenaftrek. Toen op 7 november bleek dat het Kabinet uit de Tweede en Eerste Kamer geen steun zou krijgen voor haar wetsvoorstel, heeft de minister het niet aan laten komen op een stemming, maar heeft ze op 9 november laten weten het plan aan te houden. Dat betekent dat de fiscale aftrek voor monumentenpanden in 2017 gehandhaafd blijft. Een amendement van Van Weyenberg van D66 om het wetsvoorstel terug te draaien is op 17 november door de Kamer nipt verworpen. Alleen de regeringspartijen VVD en PvdA stemden tegen. Gelukkig heeft de Kamer ook dekking gevonden voor de bezuiniging van 25 miljoen euro op monumentenzorg. Op 8 december 2016 stemde de Kamer voor een amendement van Mark Harbers (VVD) en Henk Nijboer (PvdA) die zorgt dat het budget van 57 miljoen voor monumentenaftrek gehandhaafd blijft. Alleen PVV, 50 PLUS en Lijst Roland van Vliet waren tegen.
Heemschut heeft via haar website, nieuwsbrief, twitteraccount en facebookaccount aandacht gevraagd voor de petitie, en heeft haar achterban geïnformeerd over haar lobbywerkzaamheden richting Tweede Kamer. Voor sociale media heeft Heemschut drie filmpjes laten maken die door een ieder verspreid konden worden. Vooral het bereik van Facebook was een groot succes. Via Facebook hebben we de filmpjes actief gepromoot onder geïnteresseerde doelgroepen. Met behulp van een kleine investering hebben we het bereik van de berichten vergroot. De filmpjes zijn ieder ongeveer 40.000 keer bekeken! Via twitter zijn de berichten over onze campagne ongeveer tot 5000 keer per keer bekeken. Onze website heeft ongeveer 1000 unieke bezoekers per bericht gehad. Een extra nieuwsbrief van Heemschut is uitgestuurd en heeft 2.500 mensen bereikt. Via televisie is Nieuwsuur op 6 oktober 2016 en 1 Vandaag op 1 november 2016 beiden ongeveer 600.000 keer bekeken.
Een aantal van u heeft via petities.nl aangegeven geld te storten voor onze campagne. Dat is ruimhartig gebeurd. Tot nog toe is aan giften een bedrag binnengekomen. € 3.984,75. Dank daarvoor! Een klein deel van dit bedrag is overgemaakt via www.geef.nl. Een groot deel is via de website van Heemschut binnen gekomen. Daarnaast is ook rechtstreeks geld gestort op de rekening van Heemschut.
We hebben voor de campagne afgerond de volgende (extra) kosten gemaakt:
3.000 euro voor het maken van spotjes voor gebruik op YouTube, de social media (Facebook, Twitter) en op websites
1.000 euro advertentieruimte op social media (Facebook, Twitter)
400 euro donatie aan de Stichting Petities.nl
In 2017 blijft de aftrek voor onderhoud aan monumenten via de inkomstenbelasting bestaan. Blijft wel staan dat het wetsvoorstel daarmee niet van tafel is. Of en hoe verder wordt besloten hangt echter deels ook af van de Tweede Kamerverkiezingen in maart aanstaande. Het ministerie van OCW gaat de komende maanden met de erfgoedorganisaties praten over aanpassingen of veranderingen in de financiering van het stelsel van de monumentenzorg. De huidige minister lijkt hierin deels al een richting te hebben gegeven. Zo is het idee dat er geld komt voor langjarig onderhoud aan grote monumenten, duurzaamheidsmaatregelen en herbestemming. Onderhoud aan rijksmonumenten door particulieren lijkt de huidige minister minder belangrijk te vinden.
Heemschut zet in op behoud van de bestaande middelen en extra inzet van middelen uit andere aandachtsgebieden/beleidsterreinen. Alleen hierdoor kan de erfgoedzorg op peil blijven en een effectieve bijdrage blijven leveren aan onze samenleving. Om sterk te staan en ook om te zorgen dat uw belang wordt gehoord vragen wij u om ons te steunen en lid te worden van Heemschut. Erfgoedvereniging Heemschut bestaat sinds 1911 en is met bijna 5.000 leden een van de grotere erfgoedorganisaties.
Na intensief overleg met de Omgevingsdienst zijn verdere geluidsmetingen gepland in de loop van 2026. Er is nog geen directe aanpak bekend van de problematiek.
Een omkasting of geluidswand is onze doelstelling. Ook U als omwonende kan bijdragen aan feedback. Noteer dagen en tijdstippen dat u het zeurende geluid goed waarneemt. U mag na enkele weken het overlastlogboek aan mij of direct aan de omgevingsdienst mailen. Onder het motto: Samen een sterk signaal afgeven.
Naast Decibel waarden zijn ook ; 1: Toetsing van Onrechtmatige hinder en 2 : Handhaving van Zorgplicht op BBT (Beste Beschikbare Technieken) beoogde doelen.
2 motoren zijn nog uit de jaren 70-80 Deze motoren zijn zeer gedateerd en vallen ruim buiten de BBT normen. Het niet voeren van demping op dergelijke motoren schendt zorgplicht BBT.
Blijf vooral de petitie ondertekenen en meld uw klacht ook bij de Gemeent en de Omgevingsdienst.
Bvd
Miljoenen demonstranten verzamelen zich zaterdag in de Verenigde Staten en internationaal voor gecoördineerde "No Kings"-demonstraties tegen het beleid en de agenda van president Donald Trump, zoals die door zijn regering worden afgedwongen.
Er vinden tegelijkertijd meer dan 2.600 bijeenkomsten plaats in grote en kleine steden, met ten minste één evenement gepland in elke Amerikaanse staat en demonstraties die zich uitstrekken over meerdere continenten, waaronder Duitsland, Portugal, Zweden, het Verenigd Koninkrijk en Praag..
De minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, Mona Keijzer, beantwoordt vragen over de petitie aan Kamerleden Peter de Groot en Rajkowski:
Vraag 1
Bent u bekend met het voornemen van studentenhuisvester DUWO om het huidige
hospiteerbeleid aan te passen, onder meer door middel van een door DUWO bepaalde voorselectie van kandidaten via een centraal platform?
Antwoord
Ja.
Vraag 2
Hoe beoordeelt u het dat deze beleidswijziging de invloed van zittende bewoners op de keuze van nieuwe huisgenoten verkleint, terwijl DUWO tegelijkertijd publiekelijk stelt dat huurders de regie behouden?
Antwoord
Het ministerie van VRO is geen partij in deze wijziging. De beleidskeuzes zijn aan DUWO.
Vraag 3
In hoeverre deelt u de opvatting dat hospiteren essentieel is voor de harmonie,
veiligheid en leefbaarheid in studentenhuizen, waar bewoners intensief samenleven op beperkte woonruimte en met gedeelde voorzieningen?
Antwoord
Het is niet aan mij om uitspraken te doen over de wijze van verdelen van woningen met gedeelde voorzieningen.
In het land worden daarvoor verschillende systemen gebruikt. Dit varieert van vormen waarbij de zittende huurders met verschillende maten van vrijheid zelf kunnen kiezen, tot vormen waarbij de kamerzoekende zelf kan kiezen wanneer die volgens objectieve criteria aan de beurt is.
Vraag 4
Erkent u dat studentenhuizen vaak een specifieke cultuur of identiteit hebben, zoals
verenigingshuizen, en dat wijzigingen in hospiteerregels deze identiteitsgebonden
woongemeenschappen onevenredig kunnen raken?
Antwoord DUWO heeft als sociale woningcorporatie de verantwoordelijkheid om voor studenten die op achterstand staan zorg te dragen voor gelijke kansen. Zij wijst daarbij onder andere op de student van ver die een kamer nodig heeft om te kúnnen studeren, de eerste-generatie student die de weg niet voldoende weet en nog geen groot netwerk heeft of een MBO-student. Dat sluit direct aan bij haar taakstelling die zij heeft als Toegelaten Instelling die in het belang van de volkshuisvesting werkt. DUWO is daarbij onderworpen aan de regels van de Woningwet, de overlegwet huurders-verhuurders en heeft ook te maken met de bepalingen van de Wet Goed Verhuurderschap.
Verhuurders kunnen zich hierbij niet ontdoen van de plicht om de woningtoewijzing (gedeeltelijk) elders onder te brengen. In het kader van de Wet goed verhuurderschap acht ik het voor sociale studentenhuisvesters noodzakelijk om een heldere en transparante manier van toewijzing te hanteren, waar objectieve selectiecriteria een rol spelen. Coöptatie met een vorm van voorselectie voldoet aan deze voorwaarden.
Vraag 5
Hoe weegt u de brede signalen van gebrek aan draagvlak voor de voorgestelde wijzigingen, waaronder enquêteresultaten van huurdersorganisaties, brievenacties van studenten en bewoners, een omvangrijke petitie en gezamenlijke uitingen van studentenorganisaties over het belang van sterke woongemeenschappen voor studentencultuur en welzijn?
Antwoord
Het ministerie van VRO is geen partij in deze wijzigingen.
Vraag 6
In hoeverre acht u het proportioneel dat DUWO deze wijziging doorvoert in het vrije
hospiteersegment, terwijl volgens betrokken partijen reeds een groot deel van de
woningvoorraad via bestaande voorrangsregelingen al wordt toegewezen en de
voorgenomen wijziging bovendien geen enkele extra studentenkamer oplevert?
Antwoord
De vraag of en in welke mate bestaande voorrangsregelingen bijdragen aan het bredere beleidsdoel zie ik als onderdeel van het goede gesprek tussen DUWO en haar
stakeholders en is niet aan mij ter beoordeling.
Vraag 7
Deelt u de analyse dat het structurele tekort aan studentenkamers het werkelijke
kernprobleem is binnen de studentenhuisvesting, en dat aanpassing van het
hospiteerbeleid niet bijdraagt aan het vergroten van de capaciteit? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Het aanpassen van het hospiteerbeleid staat los van het verkleinen van het structurele tekort. Ik onderschrijf de noodzaak van meer studentenhuisvesting. Als ministerie zetten wij ons in voor de realisatie van 60.000 nieuwe studentenwoningen en zijn daarbij voorstander van meer woningen met gedeelde voorzieningen. DUWO levert daar een bijdrage aan.
Vraag 8
Hoe beoordeelt u het risico dat het door DUWO voorgestelde beleid de sociale
samenhang, stabiliteit en sociale veiligheid aantast in hechte studentenhuizen die
momenteel juist een belangrijke buffer vormen tegen eenzaamheid, prestatiedruk en
mentale klachten bij studenten?
Antwoord
Het Landelijke Actieplan Studentenhuisvesting (LAS) gaat in op het studentenwelzijn. Het ministerie van VRO is geen partij bij het door DUWO voorgestelde beleid.
Vraag 9
DUWO stelt dat aanscherping van het hospiteerbeleid nodig om te kunnen voldoen aan de Wet goed verhuurderschap (Wgv). Erkent u dat deze wet ziet op verhuurders en niet op bewoners die gezamenlijk een huisgenoot kiezen, en dat gemeenten en
huurdersorganisaties aangeven dat DUWO de Wgv te ruim interpreteert?
Antwoord
De Wet goed verhuurderschap (Wgv) richt zich tot verhuurders en verhuurbemiddelaars. Zij zijn verantwoordelijk voor het voorkomen van ongerechtvaardigd onderscheid en voor transparantie over de wijze waarop huurders worden geselecteerd wanneer sprake is van een openbaar aanbod van woonruimte. Dat betekent onder meer dat verhuurders en verhuurbemiddelaars verplicht zijn te werken met objectieve selectiecriteria, een transparant selectieproces en een motiveringsplicht voor de gekozen huurder. Zij moeten beschikken over een vastgelegde werkwijze om ongerechtvaardigd onderscheid te voorkomen, die openbaar is gemaakt en bekend is bij alle werknemers van de verhuurder/verhuurbemiddelaar. De Wgv sluit voor wat betreft het verbod op ongerechtvaardigd onderscheid aan bij de normen van de Algemene wet gelijke behandeling (Awgb) en brengt daarin geen inhoudelijke beperking aan ten opzichte van het reeds bestaande recht. Daarbij mag de verhuurder bij de keuze voor een nieuwe huurder geen onderscheid maken op grond van de persoonskenmerken die de Awgb beschermt. Het gaat daarbij om: godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, nationaliteit, hetero- of homoseksuele gerichtheid en burgerlijke staat.
De Wgv schrijft geen specifieke vorm van huurderselectie voor en verbiedt daarmee coöptatie of hospiteren niet. Ook selectie via coöptatie kan onder de Wgv plaatsvinden, mits deze op een transparante wijze is ingericht en binnen de kaders van het verbod op ongerechtvaardigd onderscheid blijft, zoals dat volgt uit de Awgb. Een manier waarop verhuurders uitvoering kunnen geven aan de wettelijke verplichtingen van de Wgv en Awgb is door schriftelijk vast te leggen en te communiceren (bijvoorbeeld via de website) dat nieuwe huurders worden geselecteerd middels coöptatie. Daarnaast dienen verhuurders de zittende huurders die bij de selectie betrokken zijn te instrueren dat de Wgv en de Awgb van toepassing zijn op de verhuurder. Op grond van de Awgb mogen zittende huurders bij coöptatie kan echter in sommige gevallen wel verdere eisen stellen aan kandidaat-huurders op grond van de persoonskenmerken die de Awgb beschermt en bijvoorbeeld huurders selecteren op basis van geslacht. Er mag echter nooit onderscheid worden gemaakt op basis van afkomst of huidskleur. Ook deze instructie kan schriftelijk worden vastgelegd als onderdeel van de werkwijze ter voorkoming van woondiscriminatie.
Hoe de verhuurder de wettelijke verplichtingen voortvloeiende uit de Wgv en Awgb concreet vertaalt in beleid, is in beginsel aan de verhuurder zelf. In hoeverre een verhuurder de Wgv aanleiding vindt om het eigen hospiteerbeleid aan te passen, betreft de wijze waarop die verhuurder invulling geeft aan zijn verantwoordelijkheden onder de wet.
Vraag 10
In hoeverre kunt u bevestigen dat de Wgv studentenhuisvesters niet verplicht om
hospiteren sterk in te perken en dat dit derhalve een beleidskeuze van DUWO betreft?
Antwoord
Zoals toegelicht in het antwoord op vraag 9 stelt de Wet goed verhuurderschap (wgv)
randvoorwaarden aan verhuurpraktijken, zoals onder andere het voorkomen van
ongerechtvaardigd onderscheid middels transparantie over de selectieprocedure en het gebruik van objectieve selectiecriteria. De Wgv laat ruimte voor verschillende vormen van huurderselectie, zolang niet in strijd met de Algemene wet gelijke behandeling (Awgb) wordt gehandeld.
Indien het huidige hospiteerbeleid van een verhuurder echter niet voldoet aan de
wettelijke randvoorwaarden voor verhuurpraktijken, dient een verhuurder het
hospiteerbeleid aan te passen.
Vraag 11
Kunt u uiteenzetten welke mogelijkheden u ziet binnen de Woningwet en de Wgv om het hospiteren als verworven praktijk in studentenhuizen te beschermen, mede gezien het belang van sterke woongemeenschappen voor studentencultuur, welzijn en sociale veiligheid?
Antwoord
De Wet goed verhuurderschap (Wgv) alsook de Algemene wet gelijke behandeling
(Awgb) laten ruimte voor het voortbestaan van coöptatie of hospiteren als
huurdersselectie. De Wgv en de Awgb maken geen einde aan het recht van zittende
bewoners om betrokken te zijn bij de keuze van een nieuwe huisgenoot, maar stellen
randvoorwaarden om ongerechtvaardigd onderscheid te voorkomen. Binnen dit
wettelijke kader kunnen verhuurders coöptatie blijven toepassen door transparant vast te leggen dat via coöptatie wordt geselecteerd, objectieve en kenbare selectiecriteria te hanteren, te beschikken over een vastgelegde en openbaar gemaakte werkwijze ter voorkoming van woondiscriminatie en door bewoners te instrueren dat de Wgv (en daarmee tevens de Awgb) op de verhuurder van toepassing is. Waarbij de zittende huurders, wanneer zij via een openbaar aanbod een huurder zoeken middels coöptatie, nimmer mogen selecteren op de verboden discriminatiegronden afkomst of huidskleur en daarbij een duidelijke werkwijze te hanteren.
Binnen het bestaande wettelijke kader kunnen verhuurders dus beleid voeren dat ruimte laat voor bewonersbetrokkenheid bij huurderselectie door middel van coöptatie, zolang dit zorgvuldig en non-discriminatoir wordt ingericht. Het is aan verhuurders zelf om binnen de wettelijke kaders keuzes te maken ten aanzien van zijn verantwoordelijkheden en de wijze waarop zij selectieprocedures inrichten.
Vraag 12
Welke beleidsinstrumenten staan de Rijksoverheid hierbij ter beschikking?
Antwoord
Zie antwoord op vraag 11.
Vraag 13
Heeft u zicht op de vraag of ook andere studentenhuisvesters voornemens zijn hun hospiteerbeleid aan te scherpen of te beperken, en kunt u aangeven in hoeverre hiervan sprake is van een bredere ontwikkeling binnen de studentenhuisvesting?
Antwoord
Kences is de brancheorganisatie voor sociale studentenhuisvesters. De Kences-corporaties willen gelijke kansen voor alle woningzoekenden, zoals ook mbo-studenten en studenten met een beperking of extra ondersteuningsvraag. Vorig jaar hebben de leden van Kences de toegankelijkheid van hun huisvesting en hun toewijzingsbeleid met elkaar besproken. Daaruit kwam naar voren dat zij de toegankelijkheid van hun huisvesting willen vergroten met meer gelijke huisvestingskansen voor iedereen. Bij de keuze van de toewijzingsmethode wordt een goede sociale cohesie binnen studentenhuizen meegewogen. Hospiteren op basis van inschrijftijd is een voorbeeld van een toewijzingsmethode waarmee studentenhuisvesting voor álle studenten toegankelijker wordt.
Daarnaast heeft het Landelijk Platform Studentenhuisvesting afgelopen augustus een oplegger voor het Landelijk Actieplan Studentenhuisvesting ondertekend. Daarin hebben het ministerie van VRO, het ministerie van OCW, studentenhuisvesters en studenthuurders zich uitgesproken voor een toegankelijke woningmarkt voor álle studenten.
Vraag 14
Bent u bereid in gesprek te gaan met studentenhuisvesters, gemeenten,
huurdersorganisaties en studentenorganisaties over zowel de juridische interpretatie
van de Wgv als de maatschappelijke gevolgen van het beperken van het hospiteerbeleid?
Antwoord
Ik zie geen reden om een gesprek aan te gaan over het hospiteerbeleid van
studentenhuisvesters. De studentenhuisvesters blijven met hun voorstellen binnen de kaders van de wet.
Vraag 15
Als het antwoord ‘ja’ is op vraag 14: bent u bereid de Kamer te informeren over de
uitkomsten van dit overleg, inclusief een beoordeling van mogelijke maatregelen om het hospiteren te behouden als norm binnen de studentenhuisvesting en om
identiteitsgebonden studentenhuizen te beschermen?
Antwoord
Zie antwoord op vraag 14.
Vraag 16
Kunt u deze vragen één voor één beantwoorden?
Antwoord
Ja.
Op het moment van schrijven staat de teller op 199 handtekeningen. Enorm fijn en een stimulans voor ondergetekende om de strijd met vuur te vervolgen! Gelukkig wordt dus toch de enorm schrijnende en pijnlijke zaak van seksueel misbruik in zijn vorm(en) eerlijk in de ogen gekeken.
Helaas, door het gros (nog) niet.... Jammer. Angst? Het niet willen? Dan een vraag aan u of jou, mocht dit je over de streep trekken: 1. Wat als dit onder uw of jouw dak zou plaats vinden? Volgt er dan actie? 2. Wat als dit in uw directe omgeving gesignaleerd wordt? U laat dit lekker gaan terwijl u dit weet, of zoekt u uit hoe u het beste dit kan stoppen?
Indien u beide vragen met ja heeft 'moeten' beantwoorden, acht ik dit voldoende overtuigend bewijs dat er geen belemmering zou moeten zijn om anoniem desnoods te ondertekenen. Vergeet alstublieft niet uw mail adres te checken en uw handtekening te bevestigen. Anders wordt uw handtekening niet geteld. Anonimiteit = gewaarborgd.
De datum van fysiek indienen in de Tweede Kamer aan de minister van Veiligheid en Justitie, staat op: DV 5 mei 2026, dinsdagmiddag tussen 13:15 uur en 14:00 uur.
Alvast hartelijk dank voor uw steun.
Hoe kan je zo'n grote operatie uitvoeren?
Het hoeft niet in 1 klap. Je kan ook beginnen met degenen die 67 en drie maanden worden - en daarmee recht op AOW krijgen - de kaart te geven.
Als dat goed gaat voer je het tempo op.
Maar sommige AOW'ers kunnen zich dit niet veroorloven, een treinritje kun je niet eten
Van de ruim 3,5 miljoen AOW'ers zijn er zo'n 60.000 die op bijstandsniveau leven. Die kan je de kaart terug laten geven aan NS en die maakt de waarde van de kaart aan ze over. Maar dat blijft dan een individuele keuze want evengoed zien ze het wel zitten omdat ze er gratis familie mee kunnen bezoeken die kan helpen of tweedehands koopjes in het hele land kunnen scoren.
En anderen kunnen om medische redenen er geen gebruik van maken
Dat gaat om gemiddeld de laatste 3 jaar van een mensenleven. Maar ondertussen wordt men steeds langer gezond oud. Zo kan je jaren de kaart goed gebruiken. Ook voor hen zou er een teruggave-optie ingevoerd kunnen worden. Bewijs opsturen naar de NS Klantenservice en de kaart wordt gepauzeerd en overgemaakt als geldbedrag.
Weer anderen zullen toch de voorkeur blijven geven aan de auto
Ook zij profiteren van de kaart, maar dan indirect. Als anderen wel de auto laten staan of zelfs opgeven zal er meer ruimte komen. Met name in de spits. Als er in de spits in de trein meer zitplaatsen komen zullen sommige autoforensen weer voor het ov kiezen. Met maar een paar procent gedragsverandering kunnen autoknelpunten zich al spontaan opheffen.
In delen van het land is er geen treinstation
Daarom moet de regeling uiteindelijk ook gaan gelden voor al het ov. Sommige regionale vervoerders hebben overigens nu al gratis lokaal ov voor ouderen. Maar ook al moet je tientallen kilometers met de auto naar een station, als je een lange reis maakt kun je het grootste deel wèl met de trein doen en zo brandstof besparen.
Maar niet iedereen wil reizen
Ondertussen is vereenzaming wel een groeiend probleem. Als het reizen geen obstakel is kan je gelijken met dezelfde interesses, vage kennissen of verre familie toch opzoeken, terwijl het nu gekkigheid is om er een hele reis voor te maken. Het is gezond om op pad te gaan.
Het ov is veel te ingewikkeld
Vroeg of laat kan je toch afhankelijk worden van het ov als je geen auto meer mag of kan rijden. Het is beter om dan al vertrouwde routines te hebben ontwikkeld. Overigens is het al doende snel (weer) te leren. Als er ondertussen - door de kaart - veel leeftijdgenoten ook in het ov zijn dan wordt het al veel minder eng en gezelliger
nieuws uit de volkskrant van vandaag Roep om boycot WK voetbal groeit door optreden Trump, Oproep oud-politiebaas slaat aan op LinkedIn De roep om het WK voetbal te boycotten − of de VS het toernooi te ontnemen − zwelt aan door de acties van Donald Trump. ‘We kunnen niet blijven doorleven alsof dit een ver-van-ons-bedshow is’, schrijft oud-politiebaas Bernard Welten.
Voor de voormalige hoofdcommissaris van de Amsterdamse politie is, na Trumps dreigende taal over Groenland, kennelijk de maat vol. Welten pleit voor een ‘zichtbaar maatschappelijk signaal’. Te beginnen met het boycotten van het WK, ‘zolang sport wordt gebruikt als decor voor autoritaire normalisering en geopolitieke chantage’. Niet omdat sport schuldig is, schrijft hij. ‘Maar omdat zwijgen geen neutrale positie meer is.’
voor het onderteken .
America is hosting the FIFA World Cup, a prestige project for Donald Trump, who is robbing Venezuela of its oil, executing suspected drug smugglers without evidence, carrying out raids and deportations, threatening Colombia, Mexico, and Cuba, and blowing up NATO with the announced annexation of Greenland.
https://boycottnagroenland.petities.nl.