Vanavond heeft de stadsdeelcommissie en -bestuur de petitie ontvangen. Stadsdeelbestuurder Ester Fabriek nam de petitie aan tijdens het inspreken door bewoners met de suggestie op de schermen. De opnames zijn terug te zien via de tijdelijke locatie van de vergaderingen in Nieuw-West.
De Werkgroep Blackspots heeft dit voorstel ook ontvangen. Dit voorstel, samen met hun adviezen, de steun hiervoor van het stadsdeel en het vinden van budget moet de situatie verbeteren.

Met hulp van een tegendenker uit de buurt zijn de onderstaande antwoorden op vragen voorbereid. Die niet allemaal gesteld werden:
Maar de auto's die in het park moeten zijn dan?
Een heel klein stukje verderop het park in, na de portiersloge, is het de norm dat je met alarmlichten aan en 5km/u voorzichtig tussen de voetgangers rijdt. Dat kan heel goed op de brug al beginnen. Laat de auto's vanaf de Haarlemmerweg over een verlaagde stoeprand een voetgangerszone inrijden als ze hier afslaan. Via de andere ingang binnenkomen is beter natuurlijk.
Want nu lijkt het een reguliere afslag, geregeld met verkeerslichten, het is uitnodigend. Dat veroorzaakt ook allerlei autoverkeer. Automobilisten van buiten Amsterdam denken dat je hier met de auto goed kan komen. Terwijl ze er heel ongewenst zijn en ook vaak door de portier weer doorgestuurd worden naar de parkeergarage. Autonavigatie stuurt automobilisten die een bestemming in het park opgeven via deze ingang het park in, alsof ze er helemaal kunnen komen. De portier moet ze dan weer wegsturen naar de parkeergarage bij de Praxis. Als de brug voet- en fietspad wordt hoort daar een verkeersbesluit bij en die worden geautomatiseerd overgenomen door Google, Tomtom en dergelijke. Computer zegt dan wèl nee.
Maar de taxi's die er nu vaak rijden dan?
Van alle mensen die over de brug gaan is het merendeel voetganger of fietser. Duizenden op een dag, dus die moeten dan ook de bijbehorende voorrang krijgen. Behalve tijdens evenementen komen taxi's vooral over de brug om daar buiten een parkeervak te wachten op een oproep, niet om iemand af te zetten of op te halen. En als er incidenteel eens een keer een hotelgast met koffers of een gast voor de tv-studio afgezet moet worden dan kan de taxi gewoon met alarmlichten met 5km/u over de brug. Hotel of televisie-redactie moet maar een instructie toesturen, dat is het nadeel van deze toplocatie. Misschien moet er een taxi-standplaats op de Haarlemmerweg komen, want officieel is de ruimte geen standplaats.
De logische plek voor automobilisten om te stoppen voor het park moet bij het stoplicht op de Haarlemmerweg worden. Dan kunnen passagiers tijdens het wachten voor het rode licht uitstappen.
Komen de hulpdiensten niet in de problemen als autoverkeer niet meer door de Van Limburgstirumstraat mag?
Het is onveilig voor fietsers om zo'n doorgang met paaltjes onmogelijk te maken voor autoverkeer. De Fietsersbond zegt ook altijd paaltjes te mijden, gevaarlijk voor fietsers. Als er geen paaltjes staan kunnen auto's met een blauw zwaailicht op het dak gewoon over dat brede fietspad rijden. Vaak gebeurt het niet omdat het dan gaat om hulpverleners die in of uit deze wijk gaan. De meeste rijden over de Haarlemmerweg. Met een goede inrichting zal autoverkeer dat de Van Limburgstirumstraat inrijdt vanaf het plein linksaf worden geleid, de Joan Melchiorstraat in.
Er is een ingang van een ondergrondse parkeergarage in dat stukje van de Van Limburgstirumstraat, wordt die onbereikbaar?
Die is een stukje de straat in. De auto's voor die parkeergarage laat je over het brede fietspad rijden dat vanaf de garage-ingang pas officieel een fietspad wordt voor het laatste stuk. Ter hoogte van de Joan Melchiorstraat staat er dan al een bord 'doodlopende weg' en 'fietspad over 30 meter" met de suggestie om die straat in te slaan. Het is dan alleen de laatste 15 meter tot aan de Haarlemmerweg een officieel fietspad met rood asfalt en borden erbij enzo. Maar dat is genoeg om het verkeer op de Haarlemmerweg de afslag deze straat in te ontnemen.
Vanaf de Haarlemmerweg is er dan voor automobilisten geen enkele suggestie meer dat ze af kunnen slaan. Nu mogen ze dat al niet trouwens, maar dan zullen ze het nog minder doen dan nu. Het ziet er nu nog wel te uitnodigend uit. De overtreders van verkeersregels doen dat gek genoeg ook altijd op volle snelheid, alsof het dan minder erg is.
Hoe kan je garanderen dat bestuurders niet alsnog in- en uitrijden?
Bij tunnels, bruggen, stegen en dergelijke zijn heel goed mobiele handhavingscamera's te plaatsen. Nu kan dat niet goed op deze plek, maar als elke auto die hier in of uit rijdt voortaan in overtreding is dan is dat een goede plek voor zo'n camera af en toe. Vooral als er kennelijk veel overtredingen zijn en auto's over het fietspad zullen rijden.
Dat is trouwens een behoorlijke overtreding, met een auto over een druk fietspad rijden. Je riskeert een conflict met een fietser en die kan je met je auto nooit snel genoeg achterhalen om je schade te verhalen. Ik betwijfel of veel automobilisten het zullen doen. Ze hebben dan het toekomstige bord 'doodlopende straat over 50m' bij het Van Limburgstirumplein (voor Doardi) gemist. En ook een bord en de weginrichting waarmee ze de Joan Melchiorstraat in worden gestuurd. De weginrichting zegt dan nee. Nu zegt die ja.
Als auto's omrijden, veroorzaakt dat dan niet meer vervuiling?
Een brandstofauto is vervuilend zodra die gaat rijden. Op de gemiddelde afstand van een autoritje is dit stukje extra minimaal, vergelijkbaar met de motor stationair laten draaien om op je telefoon te klooien. De meeste automobilisten zullen hun routines en routes aanpassen. De enige automobilisten die iets meer zullen rijden wonen ten noorden van het Van Limburgstirumplein. De rest rijdt ofwel evenwijdig aan de Haarlemmerweg naar de Van Hallstraat (stad uit) ofwel enkele tientallen meters om via de Van der Hoop en Van der Duijnstraat (centrum in). Maar juist de omwonenden die niet meer makkelijk de Haarlemmerweg in kunnen draaien hebben ook het meeste profijt van deze ingreep als ze niet in de auto rijden.
Als auto's omrijden, wordt de kans op ongelukken dan niet groter?
De twee andere kruisingen met de Haarlemmerweg zijn veiliger. Die met de Van Hallstraat is recent verbeterd. Die met de Van Der Duijnstraat heeft de status van een uitrit en moet al het verkeer voorrang geven totdat er niets meer aankomt. Ook is die niet zo onoverzichtelijk als de kruising met de Van Limburgstirumstraat nu, waar de grote stromen voetgangers en fietsers doorheen gaan.
Mensen klagen nu al over een onbereikbare buurt, hoe zorg je dat de wijk bereikbaar blijft voor bewoners?
Dan bedoelen ze vast bereikbaar voor automobilisten. De buurt is en blijft heel goed bereikbaar voor mensen. Nu al heeft de Van Limburgstirumstraat eenrichtingsverkeer vanaf de Haarlemmerweg. Dus de wijk in verandert er niets voor automobilisten. Wel wordt het duidelijker. De wijk uit wordt het omrijden naar de Van Hall. Richting centrum de Van der Duijnstraat. De gemeente kan een telling houden om hoeveel auto's het gaat en of de infrastructuur het aan kan.
In ruil daarvoor wordt deze plek veel rustiger en veiliger, want vooral 's avonds en 's nachts wordt er af en toe snel gereden omdat de asfaltweg daartoe uitnodigt. Een Van der Duijnstraat zal dat veel minder doen. Die is alleen te vinden met navigatie, het meeste verkeer zal via de Van Hall gaan.
Eigenlijk is het gek dat zowel de Van Limburgstirumstraat als de Van der Duijnstraat auto's op de Haarlemmerweg laten uitkomen. Tussen beide straten zit maar 100 meter.
Waarom kunnen we niet gewoon drempels plaatsen? Wat maakt de Haarlemmerweg veiliger als we de Limburg van Stirumstraat afsluiten? De ongelukken gebeuren op de Haarlemmerweg: mensen die van het park naar de Stirumstraat fietsen.
De onduidelijke situatie op deze kruising is de kern van het probleem. Als auto's geen optie meer hebben om af te slaan en alleen stoppen om fietsers en voetgangers over te laten steken wordt het veel overzichtelijker voor iedereen. Auto's stoppen om fietsers en voetgangers over te laten steken die allemaal tegelijk oversteken van links en rechts. Als de fietsers en voetgangers rood hebben (op de brug en vanuit de Van Limburgstirumstraat) hebben de automobilisten op de Haarlemmerweg groen. En andersom.
*officiële bekendmaking 23-03-2021
Pagina 1 van 2 Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat Rijnstraat 8 2515 XP Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag T 070-456 0000 F 070-456 1111 Ons kenmerk IENW/BSK-2021/67733 Bijlage(n)
1
Retouradres Postbus 20901 2500 EX Den Haag
De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG Datum 23 maart 2021 Betreft Plan van aanpak – CBR Taskforce Examenafname
Geachte voorzitter,
Covid-19 heeft grote maatschappelijke en economische gevolgen. Dat geldt ook voor de rijschoolbranche en in het verlengde daarvan de examinering bij het CBR.
Doordat de dienstverlening in een jaar tijd tweemaal is stilgelegd als gevolg van de maatregelen die in verband met COVID-19 genomen moesten worden, is een grote voorraad aan kandidaten ontstaan die langer moeten wachten voordat zij aan de rijopleiding kunnen beginnen en voordat zij examen kunnen doen. Dit is een maatschappelijk vraagstuk dat vraagt om een gezamenlijke oplossing van alle betrokkenen.
Op 16 februari jl. (Kamerstuk 29398, nr. 899) is uw Kamer geïnformeerd over de gevolgen van het stilleggen van de dienstverlening van het CBR op de reserveringstermijnen voor examens, toetsen en rijtesten. Inmiddels kan het CBR sinds 3 maart jl. weer praktijkexamens afnemen. Op 16 maart is ook een deel van
de theorie-examens en cursussen hervat.
Voordat de eerste lockdown (15 maart – medio mei 2020) van kracht werd, gold dat alle reserveringstermijnen voor de examens binnen de afgesproken kritische prestatie-indicator (KPI) vielen. Door het stilleggen van de dienstverlening gedurende ruim 4 maanden zijn deze fors opgelopen.
Met deze brief informeer ik u over de set aan maatregelen die het CBR heeft opgesteld om de reserveringstermijnen weer binnen de normen van de afgesproken KPI te krijgen.
Zonder aanvullende maatregelen zal het bijvoorbeeld voor de praktijkexamens mogelijk tot 2026 duren voordat de situatie weer genormaliseerd is. Met de voorgestelde maatregelen is het streven voor het einde van 2022 weer binnen de afgesproken KPI voor de reserveringstermijnen van praktijkexamens te komen.
Plan van aanpak
Met de twee lockdowns gezamenlijk waren er op 3 maart, voor de gedeeltelijke hervatting van de dienstverlening, 610.000 examens en rijtesten die op enig moment ingehaald moeten worden. Dit is circa 40% van de reguliere capaciteit in een jaar. Van de 610.000 uitgestelde examen- en rijtestmomenten zijn ongeveer de helft (305.000) theorie-examens, 12.000 zijn rijtesten, en 293.000 zijn praktijkexamens. Deze omvang is dusdanig dat dit niet is op te lossen met één simpele maatregel. Daarom heeft het CBR de Taskforce Examenafname ingesteld met de opdracht een plan van aanpak te ontwikkelen. In de bijlage bij deze brief
treft u dit plan van aanpak aan.
Maatregelen
De taskforce heeft zowel maatregelen ontwikkeld die zich richten op de uitbreiding van de examencapaciteit van het CBR, als maatregelen die gericht zijn op het beheersbaar maken van de instroom aan kandidaten. De maatregelen met betrekking tot het vergroten van de examencapaciteit heeft het CBR al in werking gesteld. Dit betreft onder andere de werving van 100 extra examinatoren en het inzetten van overwerk.
De maatregelen gericht op het beheersbaar maken van de instroom zijn tot stand gekomen na een verkenning met partijen, zoals de rijschoolbranche en jongeren.
Kort gezegd is gekozen voor maatregelen die een flinke impact hebben op het terugbrengen van de reserveringstermijn, die niet ten koste gaan van de verkeersveiligheid en die uitvoerbaar zijn.
Varianten van maatregelen die niet voldeden aan deze criteria, zijn afgevallen. Een overzicht hiervan staat in de bijlage van het plan.
Het CBR wijst erop dat de gekozen maatregelen een samenhangend pakket vormen dat echt nodig is om de reserveringstermijnen zo snel als mogelijk binnen de afgesproken termijnen te brengen.
Een belangrijke maatregel om de instroom te beperken is het verhogen van de slagingspercentages: minder herexamens betekent meer capaciteit. De doelstelling die in het plan staat is dat de slaginspercentages voor alle praktijkexamens B met 10%-punt stijgen.
Elke stijging met 1%-punt vertegenwoordigt een vermindering van 8.000 examens op jaarbasis. De drempelwaarde om te besluiten aanvullende maatregelen in te zetten, is dat er eind mei minimaal een verbetering van 4%-punt van het huidige slagingspercentages van categorie B (het gemiddelde van alle B-examens ultimo 2020 lag op 50,4%) is gerealiseerd en dat er goed onderbouwde plannen van de rijschoolbranche liggen hoe het slagingspercentage in de maanden daarna verder zal stijgen tot 60%.
Deze datum is gekozen om enerzijds de branche de tijd te geven het slagingspercentage omhoog te krijgen en anderzijds het CBR in staat te stellen voldoende snel met aanvullende maatregelen te kunnen komen als dat nodig is.
Op deze wijze krijgen rijschoolhouders en leerlingen de mogelijkheid om bij te dragen aan het voorkomen van aanvullende maatregelen. Indien de slagingspercentages eind mei echter niet voldoende zijn gestegen, zijn aanvullende maatregelen nodig.
•In eerste instantie zal tijdelijk de tussentijdse toets worden geschrapt (per 1 juni 2021). Als het tijdelijk schrappen van de tussentijdse toets onvoldoende blijkt,
•dan zal tijdelijk het faalangstexamen niet
aangeboden worden.
•Mocht dit tenslotte nog onvoldoende zijn, dan wil het CBR de examenleeftijd voor de categorie B tijdelijk verhogen naar 18 jaar.
Deze maatregelen worden zoveel als mogelijk beperkt in de tijd.
Het CBR wil tevens voorkomen dat mensen door lange reserveringstermijnen in de knel komen. Daarom houdt het CBR conform bestaande coulanceregelingen ruimte beschikbaar in de examencapaciteit voor schrijnende gevallen. Ik ondersteun de voorgestelde aanpak met een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de rijschoolbranche, het CBR en kandidaten. Ik roep de branche op om alles
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat Ons kenmerk IENW/BSK-2021/67733 Pagina 2 van 2 in het werk te stellen om de lage slagingspercentages in de komende periode substantieel te verhogen. Kandidaten roep ik op pas examen te doen als ze er ook echt klaar voor zijn. In dit verband wordt ook gewezen op het binnenkort te verwachten advies van de heer Roemer, dat onder meer voorstellen zal bevatten voor het structureel verhogen van de slagingspercentages op langere termijn.
Tot slot
Met dit plan van aanpak ligt er een perspectief om de opgelopen reserveringstermijnen als gevolg van het stilliggen van de dienstverlening te keren. De opgave is groot en zal dit jaar, en volgend jaar, flinke inspanningen vergen van de rijschoolbranche en het CBR.
Ik heb het CBR gevraagd mij periodiek te informeren over de ontwikkeling van de reserveringstermijnen van de examens en zal dit ook delen met uw Kamer. Het CBR verwacht in de eerste helft van april een eerste beeld te kunnen geven. De financiële gevolgen voor het CBR als gevolg van COVID-19 worden betrokken bij de voorjaarsbesluitvorming. Het CBR biedt aanvullend de Kamer aan om dit plan toe te lichten in een technische briefing in aanloop naar het nota-overleg van 19 april.
Hoogachtend, DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT, drs. C. van Nieuwenhuizen Wijbenga
*officiële bekendmaking 23-03-2021
Pagina 1 van 2 Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat Rijnstraat 8 2515 XP Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag T 070-456 0000 F 070-456 1111 Ons kenmerk IENW/BSK-2021/67733 Bijlage(n)
1
Retouradres Postbus 20901 2500 EX Den Haag
De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG Datum 23 maart 2021 Betreft Plan van aanpak – CBR Taskforce Examenafname
Geachte voorzitter,
Covid-19 heeft grote maatschappelijke en economische gevolgen. Dat geldt ook voor de rijschoolbranche en in het verlengde daarvan de examinering bij het CBR.
Doordat de dienstverlening in een jaar tijd tweemaal is stilgelegd als gevolg van de maatregelen die in verband met COVID-19 genomen moesten worden, is een grote voorraad aan kandidaten ontstaan die langer moeten wachten voordat zij aan de rijopleiding kunnen beginnen en voordat zij examen kunnen doen. Dit is een maatschappelijk vraagstuk dat vraagt om een gezamenlijke oplossing van alle betrokkenen.
Op 16 februari jl. (Kamerstuk 29398, nr. 899) is uw Kamer geïnformeerd over de gevolgen van het stilleggen van de dienstverlening van het CBR op de reserveringstermijnen voor examens, toetsen en rijtesten. Inmiddels kan het CBR sinds 3 maart jl. weer praktijkexamens afnemen. Op 16 maart is ook een deel van
de theorie-examens en cursussen hervat.
Voordat de eerste lockdown (15 maart – medio mei 2020) van kracht werd, gold dat alle reserveringstermijnen voor de examens binnen de afgesproken kritische prestatie-indicator (KPI) vielen. Door het stilleggen van de dienstverlening gedurende ruim 4 maanden zijn deze fors opgelopen.
Met deze brief informeer ik u over de set aan maatregelen die het CBR heeft opgesteld om de reserveringstermijnen weer binnen de normen van de afgesproken KPI te krijgen.
Zonder aanvullende maatregelen zal het bijvoorbeeld voor de praktijkexamens mogelijk tot 2026 duren voordat de situatie weer genormaliseerd is. Met de voorgestelde maatregelen is het streven voor het einde van 2022 weer binnen de afgesproken KPI voor de reserveringstermijnen van praktijkexamens te komen.
Plan van aanpak
Met de twee lockdowns gezamenlijk waren er op 3 maart, voor de gedeeltelijke hervatting van de dienstverlening, 610.000 examens en rijtesten die op enig moment ingehaald moeten worden. Dit is circa 40% van de reguliere capaciteit in een jaar. Van de 610.000 uitgestelde examen- en rijtestmomenten zijn ongeveer de helft (305.000) theorie-examens, 12.000 zijn rijtesten, en 293.000 zijn praktijkexamens. Deze omvang is dusdanig dat dit niet is op te lossen met één simpele maatregel. Daarom heeft het CBR de Taskforce Examenafname ingesteld met de opdracht een plan van aanpak te ontwikkelen. In de bijlage bij deze brief
treft u dit plan van aanpak aan.
Maatregelen
De taskforce heeft zowel maatregelen ontwikkeld die zich richten op de uitbreiding van de examencapaciteit van het CBR, als maatregelen die gericht zijn op het beheersbaar maken van de instroom aan kandidaten. De maatregelen met betrekking tot het vergroten van de examencapaciteit heeft het CBR al in werking gesteld. Dit betreft onder andere de werving van 100 extra examinatoren en het inzetten van overwerk.
De maatregelen gericht op het beheersbaar maken van de instroom zijn tot stand gekomen na een verkenning met partijen, zoals de rijschoolbranche en jongeren.
Kort gezegd is gekozen voor maatregelen die een flinke impact hebben op het terugbrengen van de reserveringstermijn, die niet ten koste gaan van de verkeersveiligheid en die uitvoerbaar zijn.
Varianten van maatregelen die niet voldeden aan deze criteria, zijn afgevallen. Een overzicht hiervan staat in de bijlage van het plan.
Het CBR wijst erop dat de gekozen maatregelen een samenhangend pakket vormen dat echt nodig is om de reserveringstermijnen zo snel als mogelijk binnen de afgesproken termijnen te brengen.
Een belangrijke maatregel om de instroom te beperken is het verhogen van de slagingspercentages: minder herexamens betekent meer capaciteit. De doelstelling die in het plan staat is dat de slaginspercentages voor alle praktijkexamens B met 10%-punt stijgen.
Elke stijging met 1%-punt vertegenwoordigt een vermindering van 8.000 examens op jaarbasis. De drempelwaarde om te besluiten aanvullende maatregelen in te zetten, is dat er eind mei minimaal een verbetering van 4%-punt van het huidige slagingspercentages van categorie B (het gemiddelde van alle B-examens ultimo 2020 lag op 50,4%) is gerealiseerd en dat er goed onderbouwde plannen van de rijschoolbranche liggen hoe het slagingspercentage in de maanden daarna verder zal stijgen tot 60%.
Deze datum is gekozen om enerzijds de branche de tijd te geven het slagingspercentage omhoog te krijgen en anderzijds het CBR in staat te stellen voldoende snel met aanvullende maatregelen te kunnen komen als dat nodig is.
Op deze wijze krijgen rijschoolhouders en leerlingen de mogelijkheid om bij te dragen aan het voorkomen van aanvullende maatregelen. Indien de slagingspercentages eind mei echter niet voldoende zijn gestegen, zijn aanvullende maatregelen nodig.
•In eerste instantie zal tijdelijk de tussentijdse toets worden geschrapt (per 1 juni 2021). Als het tijdelijk schrappen van de tussentijdse toets onvoldoende blijkt,
•dan zal tijdelijk het faalangstexamen niet
aangeboden worden.
•Mocht dit tenslotte nog onvoldoende zijn, dan wil het CBR de examenleeftijd voor de categorie B tijdelijk verhogen naar 18 jaar.
Deze maatregelen worden zoveel als mogelijk beperkt in de tijd.
Het CBR wil tevens voorkomen dat mensen door lange reserveringstermijnen in de knel komen. Daarom houdt het CBR conform bestaande coulanceregelingen ruimte beschikbaar in de examencapaciteit voor schrijnende gevallen. Ik ondersteun de voorgestelde aanpak met een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de rijschoolbranche, het CBR en kandidaten. Ik roep de branche op om alles
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat Ons kenmerk IENW/BSK-2021/67733 Pagina 2 van 2 in het werk te stellen om de lage slagingspercentages in de komende periode substantieel te verhogen. Kandidaten roep ik op pas examen te doen als ze er ook echt klaar voor zijn. In dit verband wordt ook gewezen op het binnenkort te verwachten advies van de heer Roemer, dat onder meer voorstellen zal bevatten voor het structureel verhogen van de slagingspercentages op langere termijn.
Tot slot
Met dit plan van aanpak ligt er een perspectief om de opgelopen reserveringstermijnen als gevolg van het stilliggen van de dienstverlening te keren. De opgave is groot en zal dit jaar, en volgend jaar, flinke inspanningen vergen van de rijschoolbranche en het CBR.
Ik heb het CBR gevraagd mij periodiek te informeren over de ontwikkeling van de reserveringstermijnen van de examens en zal dit ook delen met uw Kamer. Het CBR verwacht in de eerste helft van april een eerste beeld te kunnen geven. De financiële gevolgen voor het CBR als gevolg van COVID-19 worden betrokken bij de voorjaarsbesluitvorming. Het CBR biedt aanvullend de Kamer aan om dit plan toe te lichten in een technische briefing in aanloop naar het nota-overleg van 19 april.
Hoogachtend, DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT, drs. C. van Nieuwenhuizen Wijbenga
Wist je dat dit al vaker is voorgekomen? In onze recente geschiedenis werd vaker de Minister-President gekozen uit een tweede of derde partij.
Van Agt (CDA, 49 zetels) werd in 1977 gezozen als Minister-President, terwijl de PvdA dat jaar de grootste partij was met 53 zetels.
Hetzelfde geldt voor Lubbers (CDA) in 1982: Ook dat jaar won PvdA de verkiezingen met 47 zetels tegenover 45 van het CDA.
Meer informatie en update volg je op onze pagina https://www.facebook.com/GeenMacinDeventer/
Hier houden we jullie op de hoogte van de stand van zaken en vervolg stappen.
Met vriendelijke groet,
De initiatiefgroep Geen Mac in Deventer binnenstad.
...en toen kregen we twee volle rode mappen met stukken van de gemeente Amersfoort als antwoord op ons Wob-verzoek. 1200 pagina's willekeurig in de tijd uitgedraaid en met deels weggelakte tekst.
En wat je niet weet, daar kun je ook niet naar vragen.
Enfin, een paar algemene conclusies kunnen we wel trekken: De gemeente Amersfoort heeft vanaf 2015 al met initiatiefnemer Profin bv samengewerkt om zonnevelden in Over de Laak mogelijk te maken. Dus ver voordat de gemeenteraad op 23 mei 2017 een akkoord had gegeven om met de zeven zoekgebieden (waaronder Over de Laak) aan de slag te gaan. Daar horen nog een paar saillante details bij, maar die komen later wel in de publiciteit.
Wat ook duidelijk blijkt is dat Profin bv voorwaarden heeft gesteld bij het intrekken van de vergunningaanvraag in juli 2018, onder druk van de gemeente, nadat wij in protest waren gegaan. Eén van de voorwaarden was het behouden van een voorkeurspositie om 20 ha zonnevelden later in de tijd alsnog neer te mogen leggen. We hebben geen schriftelijke bevestiging van de gemeente gezien, maar uit de stukken blijkt wel dat de gemeente ver is meegegaan met deze claim en Profin lang aan het lijntje gehouden heeft. Tot op vandaag is dit nog steeds een verhaal van '2 waarheden'.
Uit een plan van het OBV (OntwikkelingsBedrijf Vathorst), waar de gemeente Amersfoort 50% aandeelhouder van is, blijkt dat Renewi positief stond om op de hellingen van de vuilstort ('de berg van Smink') zonnevelden te installeren. Waarom daar niet op doorgepakt is is niet duidelijk. Dat zou toch een acceptabel alternatief zijn geweest.
En tot slot worstelt de gemeente nog steeds met het uitbrengen van 'kaders' voor zonnevelden in Vathorst-Noord. In concept-voorstellen wordt gesteld dat Vathorst 17ha zonnevelden zou moeten leveren en het lijkt alsof er een interne strijd woedt over de vraag of er een integrale (groen-)ontwikkeling met woningbouw ('rode functies') en zonnevelden moet komen, of dat er een deelontwikkeling moet komen met alleen zonnevelden.
Volg ook de discussies op twitter via @BehoudDe, ons twitteraccount. We houden u op de hoogte.
De petitie is niet meer hier te ondertekenen maar op www.labtoekomstigegeneraties.nl/water.