You, the petitioner
Images1

Alimentatiemisdaad schaadt altijd het kind!

95 signatures

Waar zijn die mensen die zich zo sociaal vinden? Waar zijn de mensen die vinden dat ze behulpzaam zijn? Waar? Ik ben er nog maar weinig tegengekomen die de moeite hebben genomen om de petitie te teken. En voor degene die dat wel hebben gedaan: dank je wel voor dat sprankje hoop dat je geeft aan de ouders die moeten vechten om te krijgen waar ze wettelijk recht op hebben.

Door deze petitie te tekenen kunt u vele kinderen een betere en eerlijkere toekomst geven. Als er een verandering op de alimentatiewet komt, kan een ouder niet meer onder vaststelling en betaling van alimentatie uit.

Petition

We

Moeders van kinderen die slachtoffer zijn geworden door het wangedrag van vaders die onder de alimentatie uit willen komen door opzettelijk schulden te maken voor de uitspraak van de echtscheiding of gewoon de betalingsplicht niet nakomen.

 

observe

Dat blijkt dat de bereidheid van kinderalimentatieplichting tot het onmiddellijk nakomen van de kinderalimentatieverplichting niet groot is; Dat dit komt door een gebrek aan transparantie over de totstandkoming van de hoogte van het kinderalimentatiebedrag; tevens overwegende, dat het voor de kinderalimentatieplichtige mogelijk is om zelf bewust de draagkracht te verlagen. Dit heeft tot gevolg heeft dat de kinderalimentatiegerechtigde het nakijken heeft, omdat kinderalimentatie geen preferente vordering is;

 

and request

Verzoekt de regering de kinderalimentatiewetgeving zodanig te wijzigen dat de normen transparanter worden, het draagkrachtprincipe wordt gerelativeerd en de kinderalimentatievordering preferent wordt.

Om deze schandelijke en misdadige praktijken te voorkomen is er een motie ingediend door Tweedekamerlid E. Ankers.

Current status

This petition is not open to collect signatures.

 

Details

Addressed to:
Tweede Kamer 
Petition desk:
Closing date:
12-01-2010 
Status:
Closed 
Lead petitioner:
Angelique Berendse 

History

Signatures

Katrien Wellens
Lauwe
hard werkende moeder
almost 7 years
Anonymous
almost 7 years
Andre Twigt
Oud-Alblas
Dorpsidioot
almost 7 years
monique vissers
rotterdam
almost 7 years
Jose
Heerhugowaard
almost 7 years
Sitekeuring.be
Blankenberge belgïe
almost 7 years
Joery Stroo
Blankenberge belgïe
almost 7 years
Anonymous
almost 7 years
A. Krapels
Zoetermeer
almost 7 years
Erik F V
uitgeest
almost 7 years
Anonymous
almost 7 years
fenna
wolvega
moeder, huisvrouw en medewerkster
almost 7 years

Updates

Earlier updates

Comissie Minister van Justitie

Pagina 1 van 3

Directoraat-Generaal

Wetgeving, Internationale

Aangelegenheden en

Vreemdelingenzaken

 

Directie Wetgeving

Sector Privaatrecht

Schedeldoekshaven 100

2511 EX Den Haag

Postbus 20301

2500 EH Den Haag

www.justitie.nl

 

Ons kenmerk

5596672/09/6

Bij beantwoording de datum

en ons kenmerk vermelden.

Wilt u slechts één zaak in uw

brief behandelen.

 

Datum 15 juni 2009

Onderwerp motie Anker c.s.

 

Tijdens de begrotingsbehandeling van mijn ministerie voor het jaar 2009 is de

motie van het lid Anker c.s. aangenomen (Kamerstukken II 2008 – 2009, 31700

VI, nr.56).

+Read more...

In deze motie wordt de regering verzocht de

kinderalimentatiewetgeving zodanig te wijzigen dat de normen transparanter

worden, het draagkrachtprincipe wordt gerelativeerd en de

kinderalimentatievordering preferent wordt. Met betrekking tot deze motie merk

ik graag het volgende op.

 

In de motie wordt geconstateerd dat de bereidheid om

kinderalimentatieverplichtingen onmiddellijk na te komen, niet groot is. Het

landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen ontvangt jaarlijks gemiddeld 6000

verzoeken om de invordering van achterstallige kinderalimentatie over te nemen.

Niet bekend is of in deze gevallen de voldoening van de alimentatieverplichting

nimmer heeft plaatsgevonden of na verloop van tijd is gestaakt. De inschakeling

van het LBIO is effectief. In ± 65% van de gevallen vindt na eerste aanmaning

van het LBIO alsnog rechtstreekse betaling aan de alimentatiegerechtigde plaats.

In 35% van de gevallen neemt het LBIO de inning (uiteindelijk) over. In totaal

90% van de gevallen leidt de inschakeling van het LBIO alsnog tot effectuering

van de kinderalimentatieverplichting. Het in de Wet bevordering voortgezet

ouderschap en zorgvuldige scheiding voorziene ouderschapsplan, waarin ook

afspraken over de kinderalimentatie worden opgenomen, zal bevorderen dat

ouders zich nog meer bewust worden van hun verantwoordelijkheden na het

einde van hun huwelijk/geregistreerd partnerschap.

In de motie wordt overwogen dat naast emotionele overwegingen ook het

gebrek aan transparantie over de totstandkoming van de hoogte van het

kinderalimentatiebedrag ten grondslag ligt aan de gesignaleerde geringe

betalingsbereidheid.

Draagkracht van de alimentatieplichtige en behoefte van de

alimentatiegerechtigde vormen de wettelijke maatstaven voor de vaststelling van

(kinder)alimentatie. Voor het al dan niet toekennen van een bijdrage in de kosten

van levensonderhoud van een ex-partner, voor de hoogte van deze bijdrage en

de duur daarvan gelden daarnaast ook niet-financiële factoren. Sinds 1979 wordt

onder verantwoordelijkheid van de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak het

rapport Alimentatienormen uitgebracht met richtlijnen voor de berekening van

(kinder)alimentatie (zogenoemde Tremanormen). Deze richtlijnen worden

regelmatig aangepast en zijn voor een ieder toegankelijk. Zij worden gepubliceerd

via de websites www.nvvr.org en www.rechtspraak.nl en in brochures van

 

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

der Staten-Generaal

Postbus 20018

2500 EA DEN HAAG

Pagina 2 van 3

Directoraat-Generaal

Wetgeving, Internationale

Aangelegenheden en

Vreemdelingenzaken

Directie Wetgeving

Sector Privaatrecht

Datum

15 juni 2009

Ons kenmerk

5596672/09/6

Postbus 51 en van het Ministerie van Justitie wordt verwezen naar deze

alimentatienormen. In de alimentatiebeschikking van de rechter is de berekening

te vinden. Uit deze beschikking moet voldoende blijken van welke gegevens de

rechter gebruik heeft gemaakt (Hoge Raad 17 maart 2000, N.J. 2000, 313).

Tijdens de plenaire behandeling van het wetsvoorstel inning partneralimentatie

(31 575) op 31 maart jl. heeft het lid De Wit bepleit dat in alimentatiezaken de

draagkrachtberekening bij het vonnis wordt gevoegd en dat de motivering wordt

verbeterd. Naar aanleiding daarvan heb ik – conform mijn toezegging – deze

punten (met inbegrip van de draagkrachtvergelijking) onder de aandacht

gebracht van de Raad voor de Rechtspraak, die vervolgens het Landelijk Overleg

van Voorzitters van de familiesectoren hiervan in kennis heeft gesteld. Ik wacht

de reactie terzake af.

Voorts wordt overwogen in de motie dat de kinderalimentatieplichtige zelf

bewust de draagkracht kan verlagen.

Deze overweging wekt de indruk dat de alimentatieplichtige door het

aangaan van schulden zijn draagkracht kan manipuleren. Het is evenwel de

rechter die bepaalt of met bepaalde verplichtingen van de alimentatieplichtige

rekening wordt gehouden. Het moet in ieder geval gaan om noodzakelijke lasten.

Geconstateerd wordt vervolgens in de motie dat dit tot gevolg heeft dat de

kinderalimentatiegerechtigde het nakijken heeft, omdat kinderalimentatie geen

preferente vordering is. Vooropgesteld moet worden dat vaststelling van

kinderalimentatie op basis van draagkracht en behoefte en eventuele preferentie

terzake van kinderalimentatie los van elkaar staan. Preferentie heeft te maken

met de inning/voldoening van vastgestelde kinderalimentatie. Een preferentie

komt aan de orde bij insolventie van de schuldenaar (alimentatieplichtige). In dat

geval zal er echter reden zijn om het alimentatiebedrag aan te passen.

Is er sprake van onwil van de alimentatieplichtige dan is – zoals hiervoor

uiteengezet – de inschakeling van het LBIO een effectief middel.

Zoals in de planningsbrief van 9 december 2008 is aangegeven, zal het

stelsel van preferenties aan de orde komen in het kabinetsstandpunt over het

rapport van de commissie Insolventierecht (commissie Kortmann). De commissie

Kortmann is thans bezig met het verwerken van de ontvangen commentaren,

welke werkzaamheden naar verwachting in juni gereed zullen zijn. Daarna zal een

kabinetsstandpunt worden voorbereid.

Voor wat betreft de vaststelling van kinderalimentatie wijs ik erop dat in

de hiervoor genoemde Wet bevordering voortgezet ouderschap en zorgvuldige

scheiding een voorrangsregel terzake van kinderalimentatie is opgenomen (art. 1:

400, lid 1, BW). Deze houdt in dat kinderen en stiefkinderen onder de 21 jaren

voorrang hebben boven alle andere onderhoudsgerechtigden als de

alimentatieplichtige verplicht is aan meer personen onderhoud te verstrekken en

onvoldoende draagkracht heeft om dit volledig aan alle gerechtigden te

verschaffen. Deze regel leidt ertoe dat bij onvoldoende draagkracht van de

alimentatieplichtige voorrang moet worden gegeven aan de kinderalimentatie

boven de alimentatie aan de vroegere echtgenoot.

Voorts heb ik vernomen dat in de eerdergenoemde werkgroep

alimentatienormen van de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak een

aanscherping van de richtlijnen voor kinderalimentatie is voorbereid. Deze, nog

niet gepubliceerde, aanbeveling inzake de nieuwe wijze van vaststelling van

kinderalimentatie zal naar verwachting met ingang van 1 juli a.s. gaan werken. Ik

zal dan beoordelen in hoeverre deze aanscherping tegemoet komt aan het

gevraagde in de motie. Daarbij zal ook bezien worden of de aanscherping – als

alternatief voor een forfaitair stelsel van vaststelling van kinderalimentatie – tot

Pagina 3 van 3

Directoraat-Generaal

Wetgeving, Internationale

Aangelegenheden en

Vreemdelingenzaken

Directie Wetgeving

Sector Privaatrecht

Datum

15 juni 2009

Ons kenmerk

5596672/09/6

de beoogde besparingen op de bijstandsuitgaven leidt, doordat in meer gevallen

(meer) kinderalimentatie wordt vastgesteld.

Voorts wil ik erop wijzen dat de Staatssecretaris van Justitie in de

rechtsbijstandbrief van 24 oktober 2008 (Kamerstukken II, 2008-2009, 31753,

nr. 1) heeft aangegeven dat onderzocht zal worden of het mogelijk is te komen

tot minimumnormen en objectieve richtsnoeren voor kinderalimentatie. Zodra ik

meer informatie heb over de aangepaste tremanormen en het vervolg op de

hiervoor beschreven initiatieven zal ik U terzake nader berichten.

De Minister van Justitie,

Ingediende motie

In de motie van tweedekamerlid E. Anker is het volgende verwoord:

 

MOTIE VAN HET LID ANKER C.S.

 

Voorgesteld 5 november 2008

 

De Kamer,

 

Gehoord de beraadslaging,

Constaterende, dat blijkt dat de bereidheid van kinderalimentatieplichting  tot het onmiddellijk nakomen van de kinderalimentatieverplichting niet groot is; overwegende, dat hieraan emotionele overwegingen ten grondslag liggen, maar ook het gebrek aan transparantie over de totstandkoming van de hoogte van het kinderalimentatiebedrag; tevens overwegende, dat het voor de kinderalimentatieplichtige mogelijk is om zelf bewust de draagkracht te verlagen;

 

Constaterende, dat dit tot gevolg heeft dat de kinderalimentatiegerechtigde het nakijken heeft, omdat kinderalimentatie geen preferente vordering is; verzoekt de regering de kinderalimentatiewetgeving zodanig te wijzigen dat de normen transparanter worden, het draagkrachtprincipe wordt gerelativeerd en de kinderalimentatievordering preferent wordt.

 

.